Het is inmiddels alweer een aantal dagen geleden dat hij me vertelde verliefd te zijn op iemand anders. Je hart breekt, je maag draait en je hoofd zegt: “Nee, dit is niet waar!” Tegelijkertijd vallen er een aantal puzzelstukjes op hun plek, zie je opeens het complete plaatje en besef je dat het wel degelijk waar is.
Er is veel waar je tegen kunt vechten. Er is veel waar je over kunt praten en waar je samen uit kunt komen. Maar ik kan niet op tegen de gedachten aan een ander. Ik kan niet met iemand samen zijn, als ik weet dat ik zijn liefde moet delen. “Denkt hij nu aan mij of aan haar?” De constante twijfel die het met zich mee zou brengen, zou me gek maken.
De jaren samen waren magisch. Ik weet nog niet hoe ik een toekomst zonder deze magie moet zien. En het doen pijn te weten dat het voor hem kennelijk minder magisch is geweest. Dat hij aan iemand anders dacht op de momenten dat we samen met ons tweeën waren. Wat was er echt? En wat was er schuldgevoel? Wat had ik anders kunnen doen zodat onze magie had kunnen blijven bestaan?
Je wordt elke dag weer wakker in de nachtmerrie, terwijl het eerst zo’n mooie droom leek te zijn. Je wilt eruit wakker worden en tegelijkertijd verlang je naar de duisternis achter je ogen omdat je zo moe bent. Je maag draait, accepteert geen eten en tegelijkertijd rommelt het om aandacht. Je ogen zijn vochtig en dof. Ze kijken nergens meer naar, alles is spontaan minder mooi geworden. Maar je drinkt een kop thee, haalt een paar keer diep adem en je gaat door. Je kunt niet anders!
Noem het gekte, noem het liefde, noem het masochisme, maar wetende dat dit de uitkomst zou zijn, zou ik het direct allemaal weer opnieuw doen… Mijn hart, hoofd en lichaam verlangen nog steeds naar hem. Maar ik kan het niet toestaan, want hij verlangt naar een ander.
